Eerste dagen... cultuurshock en met Griet op sjok.
Tweede week... gezelligheid troef en me rustig thuis voelen in de mooie woning (waar Griet voor vrienden op past), met airco, poes, gardien, kakkerlakken en salamanders, ... En alle mensen in de straat die tegen Griet ‘madame’ zeggen en tegen mij ‘maman’: Bonjour maman, bonne arrivée, maman, à demain, maman, ... (n.v.d.r.: ‘maman’ is een koosnaampje voor oudere dames).
De derde week werd - na de aankomst van Erik – een intensieve actieve vakantieweek. Nu had ik, als vrouw alleen in dit land, ook een ‘gardien’, niet om het huis te bewaken of de tuin te onderhouden, maar vooral om mee op pad te gaan langs de hele zuidkant van Benin. Eerst naar links (Comé, Grand Popo, Ganvié), dan naar rechts (Porto Novo), en samen met Griet nog eens naar links, met een collega van haar, Lazare, als gids.
Hij liet ons zijn geboortedorp zien (in de brousse dichtbij bij voodoo-stad Ouidah), zijn huidige huis (in Cotonou, met de mama en 6 kids) en de plannen voor zijn toekomstige grote woning en zijn plantages (in zijn geboortedorp). Indrukwekkend levensverhaal.
Zou het dan toch kunnen dat alles wat we hier gezien hebben kan veranderen in de loop van enkele (tientallen) jaren? Deze man, en ook de gedrevenheid van alle collega’s van Griet (blank of zwart), bewijzen dat er hoe dan ook hoop is voor Afrika.